
Altijd weer een bijzonder en fantastisch schouwspel: kauwen en roeken die in grote getale ’s morgens vroeg en ’s avonds bij schemerdonker over Delden trekken. Het kan je haast niet ontgaan. Ze overstemmen met hun gekraai al het andere omgevingsgeluid.
’s Morgens vliegen ze van hun gezamenlijke slaapplek op de Deldeneresch naar hun voedselgebied rondom Delden, vaak met een tussenstop op een bouwkraan of in een hoogspanningsmast. Dit wordt ook wel slaaptrek genoemd: een soort eendaagse vogeltrek.
De vaste eindbestemming ’s avonds zijn de grote, oude loofbomen aan de rand van de Deldeneresch. Ze blijven altijd bij elkaar om zich te beschermen tegen roofdieren, want het zijn echte groepsdieren.
Zo’n overvliegende zwerm is indrukwekkend. Een enkeling zoekt even rust en zet zijn klauwen in een dakgoot of op een dakrand, om daarna met een luid ‘kjar kjar’ weer verder te vliegen.
De zwerm is in de winter groter dan in de zomer door het bezoek van Noord-Europese ‘vrienden’. Zo’n zwerm kan uit duizenden vogels bestaan en zich als een sierlijke zwarte bal door de lucht verplaatsen.
Het zijn vogels met hun eigen woon-werkverkeer.
Geef een reactie